top of page

Intelligentie- (hoog)begaafdheid

Wat is intelligentie en wat is het niet?

Rationeel IQ

Zijnskenmerken

Nut en beperkingen van testen

Wat wil jij doen met je intelligentie en talenten?

Uitdagingen van hoge intelligentie?

Wat is intelligentie?

Intelligentie is één van de belangrijke  kenmerken die iemands persoonlijkheid bepalen. 

Er bestaan strikte definities van hoogbegaafdheid, vooral gebaseerd op IQ-testen, waarbij 2% van de bevolking als hoogbegaafd wordt gedefinieerd.

Je kan intelligentie ook breder bekijken. 

Er zijn enorme verschillen in intelligentie.

Persoonlijk verkies ik de term intelligentie boven de term hoogbegaafdheid.  Bij de term hoogbegaafdheid ontstaan al snel allerlei oordelen, taboe's, misverstanden.

Mensen denken bij hoogbegaafdheid al snel aan supermensen, mensen die alles kunnen, kinderen die klassen overslaan, .... terwijl dat meestal  niet zo is. 

Ook hoogbegaafden hebben terreinen waarop ze zwak scoren.

Je kan dus hoogbegaafd zijn, ook al zijn er een aantal zaken waar je slecht op presteert.

Ook binnen de groep van hoogbegaafden zijn er grote onderlinge verschillen.

In het algemeen en nog meer bij hoogbegaafden wordt onderschat hoe groot verschillen tussen mensen zijn. 

De uitdaging is je eigen sterktes te kennen, ze uit te leven, met voldoende verbinding met anderen. 

Veel hoogbegaafden hebben een grote behoefte aan verbinding met anderen. 

Elke vorm van uitzonderlijke intelligentie  kan  specifieke uitdagingen opleveren.   

Eén van de grootste uitdagingen is dat andere personen anders functioneren, en het moeilijker is om aansluiting te vinden.  Het is moeilijker om te beseffen dat anderen anders in elkaar zitten, en handvaten te vinden om hiermee om te gaan.

Omschrijving volgens de zijnskenmerken (Delphi-model)

Een snelle en slimme denker, die complexe zaken aankan. 

Autonoom, nieuwsgierig en gedreven van aard. 

Een sensitief en emotioneel mens, intens levend.  

Hij of zij schept plezier in creëren.

Ongeveer 2% van de bevolking, een rationeel IQ van minimum 130 volgens degenen die hoofdzakelijk naar het rationeel IQ kijken.

Er zijn ook uitzonderlijke talenten die niet voldoen aan de rationele IQ-test.  Er zijn mensen die uitzonderlijk getalenteerd zijn in specifieke niches.

Er zijn ook de zijnskenmerken, die moeilijker meetbaar zijn.

Kenmerken volgens het Delphi-model: ( Bron Kooijman-Van Thiel)

 

HOOGBEGAAFD: VAN BINNEN:

Zijn:  Autonoom: velt eigen oordeel, maakt eigen afwegingen, 

            blijft daarbij tot iets beters zich aandient

Denken: Hoogintelligent

Zeer analytisch van aard

Matrix-denken: meerdere sporen, niveaus en tijdstippen tegelijkertijd

Metacognitie: nadenken over matrix zelf

Patroonherkenning; gemakkelijk afwisselen tussen divergeren en convergeren; groot associatievermogen; goed geheugen

Voelen: Rijkgeschakeerd:  veel emoties tegelijkertijd, soms zoveel dat afsluiten nodig is; sterk verweven; genuanceerd en kleurrijk

HOOGBEGAAFD IN RELATIE TOT DE MAATSCHAPPIJ:

Gedreven en nieuwsgierig:  veel willen, het liefst meteen, telkens weer iets nieuws, leergierig, willen ontdekken, vastbijten, heel ver doorgaan, gemakkelijk in een flow

Doen: altijd, en met veel plezier, bezig met het maken van iets: model, proces, theorie, plan, techniek, methode, analyse, overzicht, uitvinding, verbetering, spel, idee, product, puzzel, schilderij, muziekstuk.

Denkwerelden, structuren, verhalen, beelden

Waarnemen: Hoogsensitief:

Gradueel een ander neurologisch systeem: meer, dunnere en snellere zenuwen, gevoeligere zenuwuiteinden, meer en snellere synapsen, brein op meerdere plaatsen tegelijk actief

Alles komt tegelijkertijd, in volle nuance, heel precies, met volle lading binnen.

Testen? Beperkingen van testen. 

Intelligentie is meer dan wat blijkt uit testen.

Mensen zijn bekend met intelligentie-testen: van school, recruteringbureau's, ..

Testen die het rationele IQ meten,  geven een belangrijke indicatie van denkcapaciteit, redeneervermogen, snelheid van denken, werkgeheugen, taalkennis, inzicht in patronen, .... vooral cognitieve competenties. 

Besef dat die testen ook beperkingen hebben: ze meten niet alles.  

Ze focussen op rationeel-cognitieve zaken, die meetbaar zijn. 

Niet alles is gemakkelijk meetbaar. 

Testen meten vooral wat gemakkelijk kwantificeerbaar is. 

De interessantste dingen zijn veel complexer en moeilijker meetbaar. 

Het potentieel meten is veel lastiger.

De zijnskenmerken, emotionele intelligentie, creativiteit, zijn veel moeilijker meetbaar.

Sommige mensen onderpresteren op die testen, bv. door stress.

Die testen meten algemene zaken.

Een cijfer geeft het risico dat je je teveel gaat identificeren met dat cijfer,  dat je je er aan vastklampt,  zonder dat je er mee vooruit komt. 

Er is een risico dat het een " fixed mindset " issue wordt: dat je het als een zekerheid gaat beschouwen waardoor uitdagingen vermeden worden.  " Ik ben slim dus hoef ik geen moeite meer doen".

Een hoog cijfer is zeker geen garantie dat succes in je schoot valt.

Wat wil jij doen met je intelligentie en talenten?

We leven in een wereld waar duizenden soorten werk bestaan.

Het is verleidelijk om je te laten leiden door testen.

Pratisch gezien is het veel belangrijker om te onderzoeken waarin jij getalenteerd bent.  Met een algemeen cijfer doe je immers niets.

 

Hoe kom jij tot je recht?

Zoek naar de combinatie van talenten waarbij jij plezier en voldoening beleeft,  de tijd voorbij vliegt, en je een goed inkomen ( of meer ) haalt.

Laat je daarbij begeleiden.  Een onafhankelijke deskundige zorgt ervoor dat je met een frisse blik naar jezelf kan kijken.

 

 Uitdagingen van hoge intelligentie

Hoogbegaafde kinderen worden op dit moment sneller herkend.

Er zijn nog behoorlijk wat  volwassen hoogbegaafden die het van zichzelf niet weten.

Er bestaan nog veel vooroordelen en taboes.

Er zijn veel hoogbegaafden die problemen hebben door het anders-zijn.

Het is een luxe en ook een probleem.

Er zijn problemen met aansluiting vinden bij anderen, zich gezien voelen, herkend worden, zich begrepen voelen, zich vervelen. 

Door het anders-zijn ontstaan er meer conflicten en onbegrip.

In GGZ zijn er veel misdiagnoses. 

Er wordt vooral naar symptomen gekeken, niet naar de oorzaak van de symptomen.

Veel hoogbegaafden maken hun opleiding niet af en kunnen daardoor het idee hebben om gefaald te zijn. 

Het gebrek aan spiegeling in de ontwikkeling is een probleem voor alle minderheden, een minderheidsgevoel.

Gemiddelde kinderen kijken in de ogen van anderen en herkennen, worden bevestigd.  Hoogbegaafden krijgen niet de bevestiging, die positieve wederkerigheid, maar afkeuring , onbegrip, jaloezie, afwijzing of niets terug.

Buiten de groep vallen, verstoten worden, pesten, een heel groot gebrek aan wederkerigheid en verbinding... doet echt iets aan iemands zelfbeeld, zelfvertrouwen, ontwikkeling, identiteit.   

Peercontact zorgt voor gelijkwaardige spiegeling, een fijn sociaal gevoel dat het gemiddelde kind vaak tegenkomt.

Het is cruciaal dat kinderen en volwassenen herkend worden, positief bekrachtigd worden in hun anders zijn door leraars, ouders, belangrijke anderen. 

Verwijten aan hoogbegaafden: ben je nooit tevreden? Jij maakt je overal zorgen over. Waarom niet langzamer? Betweter. Oncollegiaal. Kritisch.

Eigen gevoel:

Waarom ben ik zo anders?

Waarom ben ik eenzaam?

Waarom heb ik  geen opleiding afgemaakt?

Waarom heb ik vaak conflicten?

Waarom hebben anderen kritiek op mij?

Waarom worden mijn ideeën niet aanvaard?

Zo kunnen allerlei micro-trauma's ontstaan: herhaaldelijk kleine pijnlijke ervaringen die zich opstapelen in de loop der tijd, waardoor je snel getriggerd kunt worden bij een onaangenaam " deja-vu" gevoel.

bottom of page